Het ontwerpwarmteverlies is het vermogen dat een huis nodig heeft in het koudste uur van het jaar, per ruimte uitgerekend volgens EN 12831-1. Het gelijkvloerse huis van 102,2 m² uit het voorbeeld hieronder heeft 4586,89 W nodig, of 44,88 W/m².
De warmteverliesberekening levert het eerste getal van een heel verwarmingsproject. Alles wat daarna komt, erft haar fout: het vermogen van de warmtepomp, de aanvoertemperatuur, de legafstand van de vloerverwarming, de inhoud van het buffervat, de stookkosten van de klant. Klopt dit getal niet, dan is de rest foutloos rekenwerk met verkeerde invoer.
Dit artikel legt uit wat de berekening is, wat er concreet van afhangt en waarom een vuistregel niet genoeg is - met welke software je ook werkt.
Wat is een warmteverliesberekening?
Het ontwerpwarmteverlies is het vermogen dat een gebouw nodig heeft in het koudste uur van het jaar om de gewenste binnentemperatuur vast te houden. EN 12831-1 zelf noemt dit getal de ontwerpwarmtelast (Φ_HL): het verlies door de schil en door ventilatie, plus eventueel opwarmvermogen, min de interne warmtewinst. De methode is EN 12831-1:2017, en die vraagt om per ruimte te rekenen in plaats van één getal voor de hele schil te gebruiken.
Drie stromen samen vormen het warmteverlies van één ruimte:
Waar het warmteverlies van een ruimte uit bestaat
- Transmissie door de bouwdelen
- Warmte die ontsnapt via muren, ramen, dak en vloer. U-waarden volgens EN ISO 6946, warmteoverdracht via de grond volgens EN ISO 13370.
- Ventilatie
- De warmte die nodig is om binnenkomende lucht op te warmen. Hangt af van het type ventilatie, de luchtdichtheid van het gebouw en een eventuele warmteterugwinning.
- Koudebruggen
- De aansluitingen waar bouwdelen samenkomen: hoeken, lateien, balkons. Hun aandeel groeit in een goed geïsoleerd gebouw.
Opwarmvermogen
Een toeslag voor installaties met onderbroken bedrijf, zodat het gebouw na een temperatuurverlaging weer op temperatuur komt.
Het resultaat is een getal in watt per ruimte, plus een totaal voor het gebouw. Dat is niet hetzelfde getal, zoals het voorbeeld hieronder laat zien.
Een rekenvoorbeeld: één huis volledig doorgerekend
Met getallen gaat het makkelijker. De referentiewoning van HeatAlgo is een fictief gelijkvloers huis in Warschau: 102,2 m² verwarmd vloeroppervlak, acht ruimtes, balansventilatie met WTW met een rendement van 85%, luchtdichtheid n50 = 1,5 1/h. De ontwerpbuitentemperatuur komt uit de klimaattabel: -20 °C. Alle invoer is gepubliceerd, dus je kunt het resultaat zelf narekenen.
| Onderdeel | Resultaat |
|---|---|
| Transmissie door de bouwdelen | 3434,96 W |
| Ventilatie, na warmteterugwinning | 533,77 W |
| Koudebruggen (ΔU_TB = 0,05 W/(m²·K), EN 12831-1, bijlage B.2.1) | 618,16 W |
| Ontwerpwarmteverlies van het gebouw | 4586,89 W |
| Per vierkante meter verwarmd vloeroppervlak | 44,88 W/m² |
| Som van de acht ruimteverliezen | 4860,14 W |
De laatste twee getallen verschillen, en dat hoort zo. Het warmteverlies van een ruimte wordt berekend met haar eigen ongunstigste aandeel in de infiltratie, omdat de radiator of de vloerverwarmingsgroep in die ruimte precies dat moet dekken. Voor het hele gebouw telt de norm de ventilatie één keer, voor de hele zone. De 4860,14 W, verdeeld over de ruimtes, bepalen dus de afgiftesystemen, en de 4586,89 W de warmtebron.
De 44,88 W/m² beschrijven alleen dit huis: goed geïsoleerd, luchtdicht, met warmteterugwinning. Neem het getal niet over voor een ander gebouw - het deel over schattingen in W/m² laat zien waarom.
Wat er van de warmteverliesberekening afhangt
Dit is het echte antwoord op de vraag "waarom heb ik dit nodig".
Vermogen van de warmtebron. Het voor de hand liggende doel, en de duurste fout. Een warmtepomp die gedimensioneerd is op een te hoog warmteverlies, gaat in deellast pendelen, en dat kost zowel het seizoensrendement dat je de klant voorrekent als de levensduur van de compressor. Gedimensioneerd op een te laag warmteverlies houdt hij het bij kou niet bij. Eén toestelklasse ernaast, de ene of de andere kant op, is in de offerte meestal een verschil van vijf cijfers.
Radiatoren en aanvoertemperatuur. Dit doel raakt vaak uit beeld achter de discussie over het vermogen van de warmtebron, en het is net zo belangrijk. Ken je het warmteverlies van één ruimte en het vermogen van de radiator die er hangt, dan kun je de aanvoertemperatuur uitrekenen die die radiator nodig heeft. Eén ruimte met een te kleine radiator verhoogt de benodigde temperatuur voor de hele installatie - en elke extra graad kost de warmtepomp de hele winter COP. Zonder uitsplitsing per ruimte vind je dat knelpunt nooit.
Vloerverwarming. Vloerverwarmingsgroepen hebben een harde bovengrens: de oppervlaktetemperatuur van de vloer. Om te controleren of een groep een ruimte überhaupt kan verwarmen, heb je het warmteverlies van die ruimte nodig, niet dat van het gebouw. Hoeveel watt per vierkante meter een vloer afgeeft bij een bepaalde watertemperatuur en vloerafwerking, staat in de gids over de aanvoertemperatuur van vloerverwarming; wat dat betekent voor het hele ontwerp, in wat een ontwerp voor vloerverwarming moet bevatten.
Buffervaten, boilervaten en hydrauliek. De inhoud van het buffervat en de debieten volgen uit het vermogen dat de installatie moet verplaatsen.
De energierekening en het tarief van de klant. Het jaarlijkse energiegebruik wordt geschat op basis van het ontwerpwarmteverlies. Daarvan hangt af of een warmtepomp zich voor de klant terugverdient, en met welk tarief.
Documentatie en subsidies. Subsidieregelingen en controles verwachten een berekening volgens de norm, met de methode en de aannames erbij - geen getal dat met de hand is geschat.
Waarom een schatting in W/m² niet genoeg is
De gebruikelijke binnendoorweg is een kengetal: zoveel watt per vierkante meter, afhankelijk van de "klasse" van het gebouw. Het probleem: de spreiding van dat kengetal is groter dan het verschil tussen een goede en een slechte toestelkeuze.
We hebben dat gemeten op onze eigen module. Voor één concreet gebouw, waarvoor een volledige berekening volgens EN 12831-1 8,40 kW geeft, levert een schatting van hetzelfde gebouw met een kengetal alles op van 8,02 tot 23,52 kW, alleen afhankelijk van welke isolatieklasse degene die schat kiest. Dat is bijna een factor drie, en de keuze van de klasse is subjectief.
Eén gebouw, twee methodes
- Schatting met kengetal
- 8,02 - 23,52 kW
- Berekend volgens EN 12831-1
- 8,4 kW
Op het niveau van de ruimte - waar radiatoren worden gekozen - ziet het er slechter uit. De gemiddelde absolute fout per ruimte was 17%, in het slechtste geval 37%, en in 4 van de 14 ruimtes sloeg het oordeel om: van "de bestaande radiator is voldoende" naar "te klein", of andersom. Vier ruimtes waar de schatting tot een andere aankoop leidt dan de berekening.
Een schatting is prima voor een eerste gesprek met een klant. Als basis voor het bestellen van de installatie is ze niet goed genoeg.
Ontwerpbuitentemperatuur: één getal voor de hele keten
De berekening gebruikt de ontwerpbuitentemperatuur van de locatie. Hoe ver die binnen één land uiteen kan lopen, laat Polen zien, waar de referentiewoning staat:
Ontwerpbuitentemperatuur in Polen
- Szczecin-16 °C36 K
- Gdańsk, Wrocław, Poznań-18 °C38 K
- Warschau, Krakau, Łódź, Katowice-20 °C40 K
Bij 20 °C binnen is het verschil tussen -16 °C en -20 °C 36 K tegenover 40 K, ofwel ongeveer 11% van het warmteverlies. Szczecin in plaats van Warschau kan de keuze een hele toestelklasse verschuiven. HeatAlgo bevat deze klimaatzones; voor een locatie in Nederland of België voer je de ontwerpbuitentemperatuur zelf in. De waarden hierboven zijn Poolse ontwerpbuitentemperaturen: op een locatie met een mildere ontwerpbuitentemperatuur is het warmteverlies van hetzelfde huis kleiner.
Nog belangrijker: dezelfde temperatuur moet in de hele keten gelden. Rekent de warmteverliesberekening met -16 °C en de toestelkeuze met -20 °C, dan noemen twee documenten voor één gebouw verschillende aannames, en bij de oplevering vraagt iemand ernaar. Fabrikanten geven het vermogen van een warmtepomp op bij bepaalde buitentemperaturen, dus de aangenomen temperatuur verandert ook hoeveel het toestel echt levert.
Een opmerking over nationale uitwerkingen
In Nederland rekenen installateurs het warmteverlies van een woning meestal uit volgens ISSO 51, de Nederlandse uitwerking van de norm. HeatAlgo rekent volgens EN 12831-1 met de standaardwaarden uit haar informatieve bijlage B, niet volgens ISSO 51. Houd dat in je achterhoofd als je de resultaten van twee programma's vergelijkt: nemen ze andere standaardwaarden aan, dan komen ze tot andere resultaten, ook al rekenen ze allebei "volgens de norm".
Wat een bruikbare warmteverliesberekening bevat
Met welke tool ze ook is gemaakt, een resultaat dat je kunt doorgeven bevat:
- Een uitsplitsing per ruimte, niet alleen een totaal voor het gebouw.
- De verliezen uitgesplitst in transmissie, ventilatie en koudebruggen, zodat je kunt aanwijzen wat overheerst.
- De gebruikte ontwerpbuitentemperatuur, en waar die vandaan komt - klimaattabel of eigen waarde.
- De U-waarden van elk bouwdeel, met de lagen waaruit ze zijn berekend.
- De aannames voor ventilatie - type, luchtwisseling, warmteterugwinning.
- De methode en de norm, uitdrukkelijk vermeld, zodat het resultaat te controleren is.
Het laatste punt wordt het vaakst overgeslagen, en het bepaalt of het document een controle doorstaat.
Veelgemaakte fouten
- Alleen het totaal van het gebouw berekenen. Dan mis je de informatie om radiatoren en vloerverwarmingsgroepen te dimensioneren - de gebruikelijke oorzaak van een installatie die "één ruimte niet warm krijgt".
- De ontwerpbuitentemperatuur van de verkeerde plek halen. Meestal de standaardwaarde van de software in plaats van de waarde voor de locatie van het gebouw.
- Koudebruggen negeren. Hun aandeel groeit in een goed geïsoleerd gebouw, juist omdat de transmissie door de bouwdelen kleiner wordt.
- Ontwerpwarmteverlies en jaarlijks energiegebruik door elkaar halen. Twee verschillende grootheden; de een vervangt de ander niet.
- Een kant-en-klaar resultaat herschalen. Is het warmteverlies volgens de norm berekend, dan hoort het daarna niet met een factor of met het verbruik van vroeger "gecorrigeerd" te worden.
Wat een warmteverliesberekening kost
De prijs hangt af van wie de gegevens van het gebouw invoert.
- Jijzelf, in software. Een account bij HeatAlgo is gratis. Zodra het gebouw is ingevoerd, zie je de samenvatting en één volledig berekende ruimte. Het volledige pdf-rapport voor één project - elke ruimte en elke module, inclusief de dimensionering van de warmtepomp en de vloerverwarming - kost € 29 incl. btw, de warmteverliesberekening alleen, als rapport voor één module, € 19. De gegevens voer je in vanuit de plattegronden en de opbouw van elk bouwdeel. De app is in het Engels.
- Voor je uitgerekend. Een adviseur berekent het gebouw aan de hand van de tekeningen en noemt zijn prijs als hij de omvang heeft gezien.
- Een energieaudit is een ander document. Hij schat het jaarlijkse energiegebruik, niet het ontwerpvermogen, en vervangt bij het dimensioneren van een warmtepomp geen warmteverliesberekening.
Korte antwoorden
Losse vragen, elk met één getal berekend in HeatAlgo:
- Welk vermogen warmtepomp voor een huis van 100 m²? - een doorgerekend huis en de marge bij het dimensioneren.
Zo doen we het in HeatAlgo
De warmteverliesberekening van HeatAlgo werkt per ruimte volgens EN 12831-1:2017, met EN ISO 6946 voor de bouwdelen en EN ISO 13370 voor de warmteoverdracht via de grond, en toont de uitsplitsing van de verliezen voor elke ruimte.
Sinds juli 2026 leest de module voor het dimensioneren van de warmtepomp die berekening live in, in plaats van met een geïmporteerde kopie te werken: een wijziging in de berekening is meteen zichtbaar in de dimensionering, en de warmtepomp wordt gedimensioneerd bij dezelfde ontwerpbuitentemperatuur waarmee het gebouw is berekend. De vloerverwarmingsmodule gebruikt de resultaten op dezelfde manier. Die wijziging beschreven we in de update van juli 2026 (in het Engels).
Wil je zien hoe dat eruitziet bij een echt gebouw? We hebben één volledig doorgerekend huis gepubliceerd: de complete invoer - maten, ontwerptemperaturen, U-waarden, luchtdichtheid - en het resultaat uit vier modules, in een vorm die je met de hand kunt narekenen.
Meer handleidingen vind je in de hulp.
Gratis account aanmakenDe app is in het Engels.
