In een bestaande woning moet de vloerverwarming passen bij de vloer die er al ligt. Voordat je een nieuwe dekvloer en infrezen vergelijkt, zoek je drie dingen uit: wat er nu in de vloer zit, hoeveel hoogte je erbij kunt winnen en hoeveel warmte elke ruimte verliest.
Deze gids helpt je die gegevens te verzamelen. Er zit een afdrukbaar meetwerkblad in, een schematische vloerdoorsnede en vragen voor je installateur en andere vakmensen. Het gaat over watergedragen vloerverwarming, niet over elektrische matten.
Maten verzamelen is niet hetzelfde als een gebouw beoordelen. Deze gids en HeatAlgo controleren geen draagvermogen van een vloer, geen vocht en geen staat van de bestaande lagen. Daarvoor is een inspectie ter plaatse nodig door iemand met de juiste deskundigheid. Ben je nog plannen en productgegevens aan het verzamelen, begin dan met de checklist voor een offerte voor vloerverwarming.
Bepaal wat blijft en wat opnieuw wordt opgebouwd
Begin met een plattegrond en markeer elke ruimte apart. Er zijn drie mogelijkheden: de vloer laten liggen en er nieuwe lagen op aanbrengen, alleen de afwerking verwijderen, of de vloer terugbrengen tot de draagconstructie - de vloer op zand of kruipruimte, een betonnen verdiepingsvloer of de balken.
Elke mogelijkheid laat een andere hoogte over voor nieuwe lagen. Als je de vloer terugbrengt, zie je wat eronder zit. Blijft de vloer liggen, dan moet je de lagen op een andere manier uitzoeken: uit tekeningen of door de vloer op één plek kleinschalig te openen. De keuze kan per ruimte verschillen, dus leg hem voor elke ruimte vast.
Vloerverwarming in een bestaande woning: meet de hoogtes bij deuren, drempels en trappen
De nieuwe vloer moet aansluiten op wat blijft: de vloer achter een deuropening, de drempel van de voordeur of terrasdeur, de eerste traptrede. Die plekken begrenzen de hoogte, niet de dikte van de vloer midden in de ruimte.
Zet in de ruimte één waterpaslijn uit, bijvoorbeeld met een laser, en meet elke maat vanaf die lijn naar beneden. Een oude vloer is vaak niet vlak, dus metingen vanaf het vloeroppervlak op verschillende plekken geven verschillende uitkomsten. Noteer bij elke maat hoe je hem weet: gemeten, van tekening of aangenomen. Een aangenomen maat is een vraag voor je installateur, geen invoer voor het ontwerp.
Vloerdoorsnede bij een deuropening
Schematisch, niet op schaal
Lagen, van boven naar beneden
- 1
- Vloerafwerking met lijm of ondervloer
- 2
- Verwarmingslaag: dekvloer met buizen, of een droog systeem
- 3
- Isolatie
- 4
- Lagen die blijven - te controleren
- 5
- Draagconstructie: vloer op zand of kruipruimte, betonnen verdiepingsvloer of balken
Waar je meet
- A
- Referentielijn - meet elke maat vanaf deze lijn
- B
- Niveau dat blijft: de vloer achter de deur, de drempel
- C
- Beschikbare hoogte voor de nieuwe lagen
Hoogte C is de ruimte tussen het hoogste punt van wat in de vloer blijft en het niveau dat je moet aanhouden. Je berekent hem uit je maten vanaf lijn A naar beneden: trek de afstand tot niveau B af van de afstand tot het hoogste punt van wat blijft. Zijn er meerdere niveaus die je moet aanhouden, neem dan het laagste, het niveau dat het verst onder lijn A ligt. Noteer de plek die je het meest beperkt, want daar wordt de keuze van het systeem bepaald. Een nieuwe drempel of trede is een aparte beslissing die je met je installateur bespreekt.
Noteer ook de hoogte van de ruimte op het laagste punt: elke nieuwe laag maakt die kleiner.
Meetwerkblad voor één ruimte
Druk het werkblad af of kopieer het met de knoppen eronder naar een spreadsheet, één exemplaar per ruimte. In het printvenster kun je het ook als pdf opslaan. Schrijf in de kolom "Hoe weet je het" gemeten, tekening of aangenomen. Een leeg vak is een open vraag, geen nul.
| Wat je meet of uitzoekt | Uitkomst | Hoe weet je het | Wie bevestigt het |
|---|---|---|---|
| Wat blijft: de hele vloer, de vloer zonder afwerking of alleen de draagconstructie | |||
| A. Referentielijn: waar hij is afgetekend | |||
| B. Niveau van de afgewerkte vloer bij elke deuropening naar een ruimte die blijft zoals ze is | |||
| Drempels van voordeur, balkondeur en terrasdeur, en de onderkant van de deuren | |||
| Eerste en laatste traptrede | |||
| Wat op zijn huidige hoogte blijft: keukenkasten, douchebak, afvoeren, haard | |||
| Hoogste en laagste punt van de bestaande vloer | |||
| Hoogte van de ruimte op het laagste punt | |||
| C. Hoogte voor de nieuwe lagen: van het hoogste punt van wat blijft tot niveau B | |||
| Bestaande vloerlagen en hun dikte, isolatie inbegrepen: aanwezig, afwezig of onbekend | |||
| Wat onder de vloer zit: de grond, een onverwarmde ruimte, een verwarmde ruimte of buitenlucht | |||
| Leidingen en kabels in de vloer, oude vinyltegels of lijm, en tekenen van vocht, scheuren of doorbuiging | |||
| Geplande vloerafwerking: product, dikte en warmteweerstand volgens het productblad |
Zoek uit wat er in en onder de vloer zit
Heb je tekeningen of een opname van het huis, bekijk dan de vloerdoorsnede daarin. Heb je die niet, of is het huis verbouwd, vraag de uitvoerder dan om de vloer op één plek te openen voordat je een contract tekent. Noteer wat de opening laat zien en markeer al het andere als aangenomen.
In oudere gebouwen kunnen vinyltegels, de lijm eronder en sommige dekvloeren asbest bevatten. Breek of frees zo'n vloer niet voordat je weet waar hij van gemaakt is, en laat verwijderen over aan een gespecialiseerd bedrijf.
Kijk ook wat er onder de vloer zit: de grond, een onverwarmde ruimte zoals een kruipruimte, een verwarmde ruimte of buitenlucht, bijvoorbeeld boven een doorgang. Dat bepaalt hoeveel warmte naar beneden stroomt. EN 1264-4 geeft een minimale warmteweerstand voor de isolatie onder vloerverwarming, afhankelijk van wat eronder zit. Vraag je installateur welke waarde voor jouw vloer geldt en welke isolatiedikte dat in het gekozen product betekent.
Vocht en de staat van de constructie zijn een aparte vraag. Zie je vocht, scheuren of een vloer die doorbuigt, noteer het dan in het werkblad en laat het door een specialist beoordelen voordat je een systeem kiest. Deze gids en een rapport uit software vervangen die beoordeling niet.
Controleer het warmteverlies voordat je een systeem kiest
In een bestaande woning verwarmt de vloer de ruimte niet altijd alleen. Het vermogen van een vloer per vierkante meter heeft een bovengrens, bepaald door de maximale oppervlaktetemperatuur. Hoeveel warmte een ruimte nodig heeft, hangt af van de muren, ramen, het dak, de vloer en de ventilatie, niet alleen van de vloeroppervlakte.
Laat daarom, voordat je een systeem kiest, een warmteverliesberekening per ruimte maken volgens EN 12831-1. Berekening volgens EN 12831-1 met standaardwaarden; geen ISSO 51-berekening en geen bewijs voor ISDE of EPB. Ben je van plan te isoleren of ramen te vervangen, reken dan voor het huis na die werkzaamheden. Waar de vloer het warmteverlies van een ruimte niet dekt, kan de installateur een radiator laten hangen of erbij plaatsen, dus de keuze is niet altijd vloerverwarming of radiatoren.
Noteer voor elke ruimte ook de vloeroppervlakte waar buizen in kunnen, zonder vaste kasten, bad en douchebak. Die oppervlakte en het warmteverlies laten zien hoeveel elke vierkante meter vloer moet leveren.
Wat er in die berekening gaat, lees je in warmteverliesberekening: wat is het en wat hangt ervan af. Hoe de vloerafwerking en de watertemperatuur het vermogen van een vloer beïnvloeden, staat in de gids over de aanvoertemperatuur van vloerverwarming.
Een nieuwe dekvloer, een droog systeem of infrezen?
Hieronder vergelijken we drie routes. Vergelijk ze met dezelfde maten en met dezelfde vloerafwerking. HeatAlgo rekent alleen vloeren met de buis in een dekvloer op een isolatielaag (natte vloer, type A volgens EN 1264). Droge systemen en ingefreesde vloeren rekent het niet door. Vraag daarvoor de fabrikant van het systeem of de uitvoerder om afgiftegegevens voor de complete opbouw met jouw vloerafwerking.
| Route | Hoe het werkt | Wat je eerst controleert | Rekent HeatAlgo het |
|---|---|---|---|
| Nieuwe dekvloer | Buizen in een nieuwe dekvloer, meestal op een nieuwe isolatielaag | Hoogte C, de isolatie onder de buizen, het gewicht van de nieuwe vloer, de tijd tot de afwerking erop kan | Ja, het is type A volgens EN 1264 |
| Droog systeem | Buizen in platen met metalen warmtegeleidingsplaten, afgedekt met droge platen, zonder natte dekvloer | De volledige hoogte met afwerking, het draagvermogen van de vloer, de afgiftegegevens van de fabrikant voor jouw afwerking | Nee, je hebt de gegevens van de fabrikant nodig |
| Infrezen | Sleuven worden in de bestaande dekvloer gefreesd en de buizen erin gelegd | Dikte, materiaal en staat van de dekvloer, wat eronder zit, leidingen en kabels in de vloer | Nee, je hebt de gegevens van de uitvoerder of de buisfabrikant nodig |
Waar de buis bij elke route ligt
Schematisch, niet op schaal
Nieuwe dekvloer
De buis ligt op de isolatie, in een nieuwe dekvloer.
HeatAlgo rekent deze opbouw (type A volgens EN 1264) voor een zandcementdekvloer en een buis 16×2 of 17×2.
Droog systeem
De buis ligt in een groef van een isolatieplaat, onder droge dekvloerplaten. Een metalen warmtegeleidingsplaat verdeelt de warmte.
HeatAlgo rekent het niet. Vraag de fabrikant van het systeem om afgiftegegevens.
Infrezen
De buis ligt in een sleuf die in de bovenkant van de bestaande dekvloer is gefreesd. Lijm of vulmiddel vult de sleuf, vaak onder een dunne egalisatielaag. Wat onder de dekvloer zit, moet gecontroleerd worden.
HeatAlgo rekent het niet. Vraag de uitvoerder of de buisfabrikant om afgiftegegevens.
Legenda
- Vloerafwerking met lijm of ondervloer
- Nieuwe dekvloer
- Egalisatielaag (als die er is)
- Bestaande dekvloer
- Droge dekvloerplaten
- Thermische isolatie
- Onbekende lagen - te controleren
- Draagconstructie
- Verwarmingsbuis
- Metalen warmtegeleidingsplaat
- Lijm of vulmiddel in de sleuf
Een nieuwe dekvloer met de buizen erin
Een nieuwe opbouw komt op de draagconstructie of op de lagen die je laat liggen: isolatie, buizen in de dekvloer en de vloerafwerking. Zo kun je de isolatie onder de buizen verbeteren, maar je hebt ruimte nodig voor al die lagen tegelijk. Een natte dekvloer voegt gewicht toe en moet drogen voordat de afwerking erop kan.
Vraag welke dekvloer de uitvoerder voorstelt, hoeveel de hele nieuwe vloer weegt en wanneer de afwerking gelegd kan worden. Vraag ook wie het opstookprotocol van de dekvloer uitvoert, en volgens wiens voorschriften. Van deze routes is dit de route die HeatAlgo rekent: in de app vul je onder andere de dikte van de dekvloer boven de buis, de legafstand en het soort vloerafwerking in.
Als de vloer te weinig hoogte heeft
Droge systemen en dunne opbouwsystemen werken zonder natte dekvloer en worden verkocht op hun geringe opbouwhoogte. Hun afgifte hangt af van hun constructie en van de vloerafwerking. Vraag de fabrikant om afgiftegegevens voor de complete opbouw met jouw afwerking, en om de volledige hoogte inclusief afwerking. Fabrikanten delen droge systemen in EN 1264 in bij een ander constructietype (type B, met de buizen in de isolatielaag in plaats van in een dekvloer), en daarom rekent HeatAlgo ze niet door, en dunne opbouwsystemen evenmin.
Sleuven infrezen in de bestaande dekvloer
Bij infrezen freest de uitvoerder sleuven in de bestaande dekvloer en legt hij de buizen erin, in plaats van de vloer eruit te breken. Alles hangt dus af van die dekvloer: de dikte, het materiaal en de staat, wat eronder zit, en de leidingen of kabels die erdoor lopen.
Vraag de uitvoerder om de dekvloer op één plek te openen en je de vloerdoorsnede te laten zien voordat je de opdracht geeft. Vraag ook wat hij doet als er nog oude vinyltegels of lijm op de dekvloer zitten, die asbest kunnen bevatten. Vraag wat hij voorstelt als er geen isolatie onder de dekvloer zit. Dan stroomt er meer warmte naar beneden, de grond of de ruimte eronder in.
Deze gids noemt geen prijzen. Hoe infrezen verloopt, welke dekvloeren geschikt zijn en hoe offertes zijn opgebouwd, staat in een aparte gids: vloerverwarming infrezen. Een prijs per vierkante meter zonder lijst van werkzaamheden laat je geen offertes vergelijken. Vraag een offerte die frezen en schoonmaken, de buizen en het leggen ervan, het vullen van de sleuven en egaliseren, de verdeler en de aansluiting ervan, de druktest en het herstel van de vloerafwerking opsomt. De omvang vergelijk je met het werkblad in de gids over vloerverwarming aanleggen.
HeatAlgo rekent geen ingefreesde vloer. Vraag de uitvoerder of de buisfabrikant om afgiftegegevens voor die opbouw met jouw vloerafwerking. Heeft hij die niet, vraag dan voordat je de opdracht geeft wie het vermogen van de vloer bepaalt, en op welke basis.
Vloerverwarming op een houten balklaag achteraf aanleggen
Bij een houten vloer begin je bij de constructie. Een constructeur hoort de staat van de balken en het draagvermogen van de vloer te controleren. Vertel hem welk systeem je overweegt en hoeveel de complete nieuwe vloer met afwerking volgens de gegevens van de fabrikanten weegt. Raadt de constructeur aan balken te versterken of te vervangen, vraag dan of dat werk een vergunning of melding nodig heeft.
Fabrikanten bieden lichte systemen voor houten balklagen aan, zonder natte dekvloer. HeatAlgo rekent deze vloeren niet door en beoordeelt geen constructies. Vraag de fabrikant om afgiftegegevens en de constructeur om een beoordeling van de vloer.
Noteer ook wat er onder de vloer zit: een verwarmde ruimte of een onverwarmde ruimte. Dat bepaalt de isolatie onder de buizen. Bij een vloer boven een kruipruimte vraag je ook naar ventilatie en vocht in die kruipruimte.
Appartementen en gedeelde gebouwen
In een appartement zijn de vloeropbouw en een verwarming die meerdere appartementen bedient niet van jou alleen. Kijk voordat je een ontwerp bestelt wat de splitsingsakte of het huishoudelijk reglement zegt. Vraag dan de VvE of de beheerder (in België: de syndicus) op papier of, en onder welke voorwaarden, je vloerverwarming mag aanleggen.
Wordt het appartement verwarmd door een gemeenschappelijke installatie, vraag dan ook:
- Op welke watertemperatuur de installatie draait. Een gemeenschappelijke installatie die voor radiatoren is ontworpen, kan warmer draaien dan je vloer nodig heeft, want vloerverwarming werkt met een lagere watertemperatuur dan radiatoren. Is dat zo, vraag dan of er een mengunit mag komen die de temperatuur voor jouw vloer verlaagt.
- Hoe de warmte wordt afgerekend. Wordt de warmte verdeeld via meters of kostenverdelers op de radiatoren, vraag dan hoe een appartement met groepen in de vloer wordt afgerekend.
Hoe het appartement ook wordt verwarmd: vraag of de nieuwe vloer zwaarder mag zijn dan de bestaande, en wie dat beoordeelt.
Wie je wat vraagt
Bewaar de antwoorden bij je meetwerkblad, zodat iedereen met dezelfde gegevens werkt.
- Installateur of ontwerper van de verwarming: welk systeem past bij hoogte C en het warmteverlies, de volledige doorsnede van de nieuwe vloer met de dikte van elke laag uit de productdocumentatie, de isolatie onder de buizen en het vermogen van de vloer met jouw afwerking.
- Constructeur: of de vloer of de draagconstructie de nieuwe lagen kan dragen, vooral bij een houten balklaag of als er lagen worden verwijderd.
- Uitvoerder van het infrezen: de staat van de dekvloer en wat eronder zit, na een opening en voordat je een contract tekent.
- VvE, beheerder of syndicus: toestemming, watertemperatuur en warmteafrekening in een appartement.
- Leverancier van de vloerafwerking: of het product geschikt is voor vloerverwarming, de warmteweerstand en de dikte.
- Specialist in vocht of bouwschade: waar je werkblad vocht, scheuren of doorbuiging vastlegt.
Heb je een ontwerp of een offerte, controleer dan wat een ontwerp voor vloerverwarming moet bevatten en vergelijk de omvang van de offertes met het werkblad daar.
Wat je in HeatAlgo kunt voorbereiden
In HeatAlgo bereken je het warmteverlies per ruimte volgens EN 12831-1 en maak je een legplan voor watergedragen vloerverwarming op je plattegrond. Het rekent vloeren met de buis in een dekvloer (natte vloer, type A volgens EN 1264), met de dikte van de dekvloer boven de buis die je uit je vloerdoorsnede overneemt (de app begint met een standaardwaarde; vervang die). Het gaat uit van een zandcementdekvloer, een buis van PE-X of PE-RT en minstens de minimale isolatie onder de buizen volgens EN 1264-4. Plan je een anhydrietvloer of minder isolatie, zeg het dan tegen de installateur die het rapport controleert. Vraag voor infrezen, een droog systeem of een dun opbouwsysteem de fabrikant of de uitvoerder om afgiftegegevens voor de complete opbouw met jouw vloerafwerking.
De app werkt met de gegevens die jij invoert. Ze beoordeelt geen draagvermogen, geen vocht en geen staat van de vloer, en vervangt geen bezoek ter plaatse. Bespreek een rapport dat je zelf hebt gemaakt met je installateur, die het ontwerp voor jouw woning en het gekozen systeem hoort te controleren. De app is in het Engels.
Zo bereid je je plan en rapport voorLees voor de module zelf de handleiding voor de vloerverwarmingsmodule.